Dysfasie is een taalstoornis met een neurologische oorzaak. Het is dus blijvend en niet van voorbijgaande aard. Er is een duidelijke discrepantie tussen het taalbegrip en de taalproductie.
Kinderen met dysfasie hebben meestal een beter taalbegrip dan taalproductie. Dat wil zeggen dat ze veel meer begrijpen dan ze zelf kunnen duidelijk maken. Het spontaan spreken is dan ook heel moeilijk.
Ze hebben vaak woordvindingsproblemen en hebben moeite met het benoemen van objecten, maar kunnen het correct aanduiden wanneer het hen passief gevraagd wordt.
Daarnaast maken ze ook fouten tegen lidwoorden, vervoegingen van werkwoorden en vormen ze heel korte zinnen of zinnen waarvan de zinsbouw incorrect is. Het taalgevoel ontbreekt hierbij.